blogspot visitor

29 januari 2009

Judaïsme, islam en sjechina

Mohammed heeft zoals overbekend een groot deel van de Joodse religieuze overlevering overgenomen. Volgens Karen Armstrong ('Een geschiedenis van God') - er zijn ook andere lezingen, dat weet ik - speelde daaromtrent zowel een bepaalde afgunst of positiever geduid gevoel van gemis aan de kant van Mohammed een rol (waarom hebben de Arabieren geen speciale band met God en een heilig boek), als afwijzing en een zekere hoon van de kant van de Joden, nadat Mohammed zijn Koran gestalte had begonnen te geven en een geloofsgemeenschap gesticht. Dat laatste zou volgens een ingewikkelde toedracht zijn geëscaleerd tot onder meer de moord op honderden Joodse mannen door de eerste moslims.

Vandaar m'n hypothese - ongetwijfeld niet origineel - dat de kiem van de vijandigheid tussen Joden en Arabische moslims mimetische begeerte (René Girard) is geweest naar elkaars aan de dag gelegde speciale band met God. En in het verlengde daarvan naar elkaars band met 'heilige plaatsen'. En misschien zelfs (primair) naar elkaars vrouwen (zie hieronder…)

Zoals bekend had Mohammed de (in Armstrongs woorden) 'geniale inval' om de moslims te laten bidden in de richting van Mekka, c.q. de met een zwart kleed van brokaat bedekte - volgens de islam door Abraham, op ooit door de eerste mens, Adam (zie ook hieronder) gelegde fundamenten, gebouwde - Ka'aba ('kubus'). Om zich los te maken van wat letterlijk de Joodse religieuze oriëntatie was. Het Joodse gebedsdoosje (tefillien), heeft eveneens de vorm van een zwarte kubus.

Zie ook de vorm- en kleur-overeenkomst tussen de Joodse gebedsjaal (talit) en de Palestijnse Kefiya of Keffiyeh: tinyurl.com/74azbm

Denk verder aan de legendarische broedermoord van Kaïn op Abel. Volgens deze site staat in de Joodse Midrasj (commentaren van rabbijnen op de Bijbelse teksten) dat Abel de Sjechina - Teken van de aanwezigheid van God - had aanschouwd toen hij zijn offer aan God bracht en dat dit een doodzonde[*] was: de reden dat hij door Kaïn werd gedood.

De wikipedia over de Sjechina:

'Volgens de talmoed (...) verwijlt de Sjechina aan het hoofdeinde van een zieke’ en ‘begeleidt zij allen die gedwongen zijn om in ballingschap te gaan’. (...) De Sjechina wordt – vergelijkbaar met de Shakti van een Indiase godheid – geassocieerd met de vrouwelijke tegenhanger van God (de Matroniet, zie Raphael Patai, The Hebrew Goddess) en met de bruid van de sjabbat (sjabbat ha-malka).'

Is het toeval, dat de 'oertwist' en broedermoord tussen Kaïn en Abel, de zonen van Adam en Eva, dus als het ware ging om het aanschouwen van een goddelijke vrouw (Sjechina, het vrouwelijke gelaat van God)? Waarbij mogelijk mimetische begeerte, naar elkaars speciale band met hun ouders, met name moeder Eva, en rivaliteit inzake het erfgenaam zijn van hun vader (Adam) een rol speelde? En is het toeval, dat de vrouw in zowel het orthodoxe Jodendom als in de orthodoxe Islam 'onzichtbaar' wordt gemaakt in de publieke ruimte?

Uiteraard dit alles niet letterlijk historisch opgevat, maar cultureel (collectief onbewuste van overleveringen).

Een van de vrouwen van Mohammed, Safiyah Bint Huyeiy Ibn Akhtab, was oorspronkelijk Joods.
'She was known for her extreme beauty. She did not only love Prophet Mohamed (PBUH) deeply, but also greatly respected him as Allah's Messenger. She was intelligent, learned and gentle. In fact, gentleness and patience were her dominant qualities. She had many good moral qualities. (...) She was the daughter of Huyeiy Ibn Akhtab, the chief of the Banu Nadir tribe, who were all expelled from Madinah in 4 AH after plotting to kill the Messenger of Allah (PBUH)'. [Bron: islamonline.net]. In sommige opzichten een Joodse Helena dus.

Zie ook dit relaas over onder meer Safiyah, eenzijdig anti-islam en van een christelijke extremist, maar niettemin interessant.

En dit:

'... Stories of the Mystical Feminine, a storytelling concert in which Gottlieb delves into Jewish feminine archetypes. Central among these is Shechinah, the Jewish divine female presence, described in the Kabbalah and in the 12th-century mystical text known as the Zohar.
Shechinah comes from "the same root as mishkan, meaning portable shrine"[**], Gottlieb explains. Originally, "Shechinah" referred to "God's abiding presence" among exiled Jews; later it merged with images of Israel as an exiled woman. In the Kabbalah, Shechinah is described as "Yahweh's wife, lover and daughter."
In reclaiming this little-known feminine antecedent, Gottlieb says she wanted to "look at a harmonizing universal myth that reflects the wisdom we've garnered." Since traditional Jewish archetypes of "the self-sacrificing woman and the assertive male" were limiting and sometimes damaging to women's lives, she saw the need for a more positive model.' [cursiveringen door mij; K]
Dat de Sjechina natuurlijk ook op een reactionaire manier wordt uitgelegd, blijkt bijvoorbeeld uit dit artikel van een chassidische Joodse vrouw: 'Chassidic Feminist; My Personal Experiences'.

Noten

[*] Ik vraag me af of de Midrasj werkelijk zo'n uitleg bevat: die zou namelijk de moord begaan door Kaïn tot een soort terechte straf maken, waarmee moeilijk te rijmen valt dat God vervolgens woedend werd op Kaïn. Van de andere kant: de naam "Kaïn" krijgt volgens sommige interpretaties in de bijbeltekst via een woordgrapje de betekenis "verkregen van God", terwijl de naam "Abel" letterlijk niets voorstelt, wat in elk geval bij de auteur van de tekst een vooropgezette 'uitverkiezing' van Kaïn lijkt te tonen, ondanks diens ogenschijnlijk verschrikkelijke daad...; maar recentere etymologische speculaties wijzen weer niet in die richting.

[**] Moet men bij 'portable shrine' denken aan de Ark des Verbonds, die de Wetten van God (cf. de mannelijke orde) herbergde en zeker stelde, met de twee Engelen waartussen de sjechina zichtbaar zou zijn? Is de resonantie met mijn speculaties over baren, openbaren en opbaren puur toeval?
 

Toevoeging december 2011: Peter Sloterdijk stelt in het tweede deel van zijn Sferen-trilogie (hoofdstuk 3, Arken, stadsmuren, wereldgrenzen, immuunsystemen): 'Het begrip "ark" - afkomstig van het Latijnse arca, kist, met haar afleiding arcanus, gesloten, geheim - onthult de in sferologisch opzicht meest radicale ruimtegedachte, die de mensen op de drempel van de hoogcultuur konden ontwikkelen, namelijk dat de kunstmatige, afgedichte binnenwereld onder bepaalde omstandigheden als enig mogelijke omgeving voor haar bewoners kan overblijven. [...] De ark is het autonome, het absolute, het contextvrije huis, het gebouw zonder nabuurschap; in de ark is de negatie van de omgeving door de kunstmatige constructie op exemplarische wijze belichaamd.' In het eerste deel van de trilogie maakt Sloterdijk duidelijk dat de primaire menselijke binnenwereld die van de baarmoeder is. De Ark des Verbonds kan je volgens mij daarom zien als een inlijving van de vrouwelijke oergrond in de mannelijke orde(ning). Vergelijk mijn theologische speculaties eerder op deze blog (waarin ik zijdelings de door mannelijke priesters beheerde 'baarmoederkamers' van het Hindoeïsme noem). Denk verder aan Levinas' benadrukking dat het Joodse geloof - in mijn woorden geparafraseerd - het exacte tegendeel is van een bloed en bodem-mythologie (waarmee zijn steun voor het zionisme overigens behoorlijk in strijd lijkt te zijn). Ook komt natuurlijk de moderne mythe Star Trek voor de geest: een groep mensen die in een ruimteschip de onleefbaar geworden aarde heeft moeten verlaten en vol heimwee rondzwerft in een heelal vol gevaren; waarbij overigens de aansporingen van de natuurkundige Stephen Hawking, die de mensen maant andere planeten te koloniseren voordat de aarde teveel is opgewarmd, alsmede vele andere astronautische fantasieën, naadloos aansluiten.
Dit alles kan je zien als wanhopige pogingen om een ontspoord en uiteindelijk de ecologische bestaansvoorwaarden verwoestend patriarchaal (denk)systeem te repareren en te bestendigen. Dus zonder de kern van het probleem onder ogen te zien: de onwil - voortkomend uit onder meer ongevoeligheid en daarmee gemoeide agressieve penetratiedrang - om in harmonie te leven met een 'dragende en bergende grond' die men niet in zijn macht heeft, noch probeert geheel onder controle te krijgen, kortom te leven vanuit een voldoende vertrouwen in een 'moederlijk' heelal, waarin het vrouwelijke niet wordt vernietigd en tevergeefs gecompenseerd door een Heer in den hoge en diens eis tot - au fond (dit wordt vaak verpakt in ethische termen) meedogenloze, alles en iedereen in het teken van 'overleven' opofferende - 'zelfherberging', om een term te gebruiken van Sloterdijk, die naar mijn smaak toch blijft denken vanuit dit masculine paradigma.
Zo bezien is het van betekenis dat 'ark' teruggaat op 'kist' (denk ook aan doodskist, tombe, altaar, schrijn, kubus/ka'aba, gebedsdoosje), dus niet op een organisch-bolvormige maar op een technisch vervaardigde, rechthoekige afgesloten ruimte - vergelijk 'baren' versus 'opbaren' in mijn theologische speculaties.


Zie ook m'n blognotities:
Izak en Jacob/Israël versus Ismaël en Ezau
Lilith, godin of demon?
Theologische speculaties

Afbeelding bovenaan: Minoïsche slangengodin (Kreta), met een duif (sic!) op haar hoofd;tweede afbeelding: schilderij 'The Blue Shawl' van Douglas Hofmann

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen