blogspot visitor

30 januari 2009

Jacob Israël de Haan in Gaza

De belofte van een 'Joods tehuis' in Palestina gaat zoals bekend terug tot de verklaring van Balfour (1917).

De Britse en Franse kolonisators in het gebied wilden tijdens WOI de Joodse bevolking in Europa hun kant laten kiezen (dus tegen Duitsland).

Dus zowel WOI als WOII zijn cruciaal geweest voor Westerse steun aan de stichting van Israël als 'tehuis voor Joden' dan wel 'Joodse staat'.

Interessante quote uit de verklaring (zie de wikipedia):
'His Majesty's Government view with favour the establishment in Palestine of a national home for the Jewish people, and will use their best endeavours to facilitate the achievement of this object, it being clearly understood that nothing shall be done which may prejudice the civil and religious rights of existing non-Jewish communities in Palestine'
Met toelichting:
'Het woord tehuis in plaats van staat werd opzettelijk gebruikt en de Britten deden in de jaren die volgden heel wat moeite om te ontkennen dat de oprichting van een Joodse staat ooit de bedoeling was geweest, onder meer via de Churchill White Paper van 1922. Privé gaven Britse functionarissen waaronder Balfour, wel toe dat de interpretatie van de zionisten het uiteindelijke resultaat zou zijn.
Edwin Montagu, minister van Buitenlandse Zaken van India en een antizionistische Jood, zorgde ervoor dat de tekst rekening hield met de rechten van de niet-Joodse gemeenschappen in Palestina (...) omdat hij wilde vermijden dat de verklaring anders wellicht tot antisemitische acties zou kunnen leiden.'
De Nederlandse dichter en romanschrijver Jacob Israël de Haan, een gelovige Jood, emigreerde in 1919 naar het toenmalige Palestina onder Brits bestuur. Hij was zionist, maar behoorde tot de stroming die om religieuze redenen tegen de stichting van een Joodse staat was. Maar dat betekende niet dat hij, met de Arabische bevolking, tegen de Britse kolonisator was: in zijn 'Kwatrijnen' zingt hij de lof van generaal Ronald Storrs, de eerste Britse militaire gouverneur van Jeruzalem, die hij 'Heerscher der heilge stad, door de wil Gods' noemt. Van de andere kant knoopte de homoseksueel De Haan meer dan vriendschappelijke betrekkingen aan met Arabische mannen.

De Haan schrijft over de eerste Joodse bewoning van Gaza:
'De Joodsche bevolking van Gaza bestaat uit nog geen tien familiën. De meesten zijn na den oorlog uit Rusland in het Land gekomen. En vaak nog maar enkele maanden hier. (...) De verhouding tusschen de Arabieren en de Joden is tot dusver goed. Maar men moet zien, hoe het worden zal, wanneer de joodsche jischoeb in macht en in wil toeneemt.'
De Haan, die zich opwierp als voorman van de groep religieus aan hem verwante Joden, voorzag dus de spanningen die de komst van steeds meer Joden zouden (kunnen) veroorzaken. Al was er toen geen concreet zicht op een aparte Joodse staat.

De Haan:
'Wij zullen vandaag naar het slagveld bij de Wadi Gaza rijden. Maar als ik in de khan kom kijken, vind ik Hadj Achmed in het mooiste humeur van de wereld. Hij heeft al héél vroeg de paarden gezadeld. En de stoute, joodsche, jongetjes Jozef en Benjamin, zijn als effendis op gezadelde paarden uitgereden. Want Hadj Achmed is een wijs man. (...) Zijn vader was nog een veel wijzer man. Hij was héél zwart. En hij heette eenvoudig Jaäcoeb. Maar omdat hij zoo verregaand wijs was, werd hij bijgenaamd sjeikh Jaäcoeb. Hij was het erkende geestelijk hoofd van de Soedaneezen te Jeruzalem. De zoon van dezen wijzen sjeikh Jaäcoeb verzekert mij, dat Jozef en Benjamin héél aardige kinderen zijn. Hij heeft hun daarom de paarden ook gaarne gegeven.'
De vallei van Gaza was kennelijk een historisch slagveld. Toen al.
In Jeruzalem bestond (en bestaat?) dus ook een gemeenschap van Soedanese Arabieren.
En de zoon van de leider van deze bevolkingsgroep, leende dus met plezier paarden uit aan Joodse immigrantenjongetjes...

Over Gaza dichtte De Haan het kwatrijn:
GAZA

Hemel, wind en zwaluwen.
Wolken en hun schaduwen.
't Land, dat met zijn open pracht
Zoveel vrije zonen wacht.
Lyrisch beschrijft hij zijn tochten te paard, met zijn Arabische vriend Adil.

In 1924 werd De Haan vermoord door de geheime dienst van de zionisten, de Hagana, met medeweten van de persoon die de tweede president van Israël zou worden... Men zou eens een goede speelfilm moeten maken over deze geschiedenis.

In een recente column in Buitenhof, zegt publicist Max Pam (update: het stukje staat niet meer op de site van Pam; wel nog op die van Buitenhof; aanvulling mei 2015: inmiddels ook daar weg, citaat zwerft nog wel rond):
'Hoe begrijpelijk ook dat het is gebeurd, achteraf bezien ware het toch beter geweest als de staat Israël na de Tweede Wereldoorlog niet was gesticht.'
Welnu, er waren destijds dus prominente Joden in Palestina die een aparte staat met een Joodse identiteit van begin af aan onwenselijk vonden.

Maar Israël is er gekomen en werd als staat erkend door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in 1947. Inmiddels wonen er meer dan zeven miljoen mensen. Begrijpelijkerwijs zegt Pam:
'Maar nu Israël eenmaal bestaat, moet het ook blijven bestaan, hoe tragisch dat misschien ook is voor de Palestijnen. De wereld kan zich geen tweede Holocaust permitteren.'
Waarna hij in verband met de Gaza-oorlog kort de rabiaat antisemitische ideologie van Hamas schetst. Het handvest van Hamas staat hier - je schrikt je een ongeluk.

De columnist Tom Segev van de Israëlische krant Ha'aretz heeft waarschijnlijk gelijk (zie zijn stuk in Het Betoog, de Volkskrant van 17 januari j.l.), als hij een werkelijke vrede binnen afzienbare tijd kansloos acht. Beheersing van het conflict, dus een wapenstilstand voor lange tijd, waarvoor onderhandelingen met Hamas zijns inziens noodzakelijk zijn, is voorlopig het hoogst haalbare.

Segev noemt het trouwens 'waarschijnlijk de ernstigste vergissing in de Israëlische geschiedenis' dat Menachem Begin en Moshe Dayan na de zesdaagse oorlog (1967) niet kozen voor een politiek van immigratie van Palestijnen vanuit Gaza naar de Westoever - wat het hopeloos overbevolkte en explosieve Gaza van nu had kunnen voorkomen - omdat men de Westoever wilde reserveren voor Joodse kolonisten... toen al een sterke stroming die uit was op 'Groot-Israël', dus.

Op de lange termijn zal Israël deze betreurenswaardige politiek moeten terugdraaien, door zich terug te trekken van de Westoever en Palestijnen uit Gaza in de gelegenheid te stellen zich daar te vestigen. Daarvoor zal de macht van ultra-religieuzen (die er soms een racistisch getint geloof op na houden), die een Groot-Israël met een ongedeeld Jeruzalem willen, moeten worden gebroken; net als de macht van de ultra-religieuze (en deels antisemitische) Palestijnen, die met niets minder dan een Groot-Palestina met hun volledige Jeruzalem genoegen nemen.

Daar zullen nog tientallen jaren overheen gaan, zo het ooit gaat lukken.

Voor Obama ziet Segev als het hoogst haalbare: geen pretentieuze nieuwe 'roadmap to peace' maar helpen het conflict te beheersen, zodat het leven van zowel Israëliërs als Palestijnen draaglijk kan worden.

Dat lijkt met een realistisch standpunt. Waarbij Israël overigens fikse inspanningen zal moeten doen, om de economie en bewegingsvrijheid op de Westoever en in Gaza zeer sterk te (doen) verbeteren. En op z'n minst alle bouwactiviteiten op de Westoever stopzetten, als tussenstap naar geleidelijke afbouw. Als het dit nalaat, zal er geen rust zijn voor haar bevolking, zullen gewelddadigheden blijven en zullen steeds meer goed opgeleide Israëliërs naar Europa en de VS emigreren - een desolaat scenario.

Zie ook (toegevoegd vanaf mei 2015):

Kroniek van een aangekondigde moord
Door Mischa Cohen, Vrij Nederland, 22 mei 2015

Documentaire Het eind dat niemand keren kan
Door Emile Fallaux, 1991, 1 uur en 56 minuten

1 opmerking:

  1. Het mooie van het stukje van Max Pam is dat het toepasbaar is op allerlei situaties:
    http://ponero.wordpress.com/2009/02/15/7/

    BeantwoordenVerwijderen